Home / Buitenleven / Onderzoek stalstrooisel: raam open bij vegen en uitmesten

Onderzoek stalstrooisel: raam open bij vegen en uitmesten

Prof. Dr. Engel Hensel (Georg-August-Universität Göttingen) bekeek het paardenbed onder de microscoop. Hij testte varianten van stalstrooisels in het laboratorium en in de praktijk. De opname van vocht verschilt per strooisel. Een comfortabele ligbodem die dik genoeg is verbetert het ligcomfort. Welk strooisel beter is qua stof en ammoniak, hangt van verschillende factoren af. Belangrijk: niet vegen, bijstrooien of uitmesten als je paard in de stal staat. 

Tarwestro heeft redelijk weinig stof en ammoniak.

Bij tarwestro kwam minder ammoniak vrij dan bij houtsnippers of stro-pellets.

Belangrijk bij de keuze van bodembedekking in de stal zijn de prijs-kwaliteitverhouding, hoe het gebruikt wordt en de aanwezigheid van allergene bestanddelen. “Als je een paard in een kleine ruimte houdt, op slechts een paar vierkante meter, dat staat hij tussen de uitwerpselen en urine. In het wild loopt hij door niet doorheen. In een stal vermengt vooral de ammoniak zich direct met de stallucht. Dit prikkelt en irriteert de slijmvliezen. Het ademhalingssysteem van het paard is bijzonder gevoelig voor stof en schadelijke gassen, zoals ammoniak. De ziekten die daardoor ontstaan zie je bij paarden die vrij buiten leven niet, en daardoor zijn deze ziekten direct toe te schrijven aan de manier van houden,” aldus de professor.

Invloed van het stalklimaat op de gezondheid
Het stalklimaat heeft een aanzienlijke impact op het welzijn van paarden. Factoren die een stalklimaat bepalen zijn temperatuur, vochtigheid en luchtbeweging, maar ook schadelijke gassen zoals ammoniak, stof en micro-organismen. Stof kan bacteriën, virussen, gisten en schimmels meedragen. Aangezien stof in eerste instantie ontstaat door bodembedekking en voer, moet vooral de bodembedekking zo weinig mogelijk rondzwevende stoffen bevatten, omdat het juist die kleine deeltjes zijn die allergische reacties veroorzaken.

Raam open tijdens mesten en vegen
Uit studies naar het vermindering van het zwevende stof in stallen blijkt dat alleen het openen van de ramen tijdens het uitmesten en instrooien van de stal de hoeveeleid stof al behoorlijk vermindert. Van de drie verschillende bodembedekkers tarwestro, stro-pellets en houtsnippers had tarwestro de hoogste concentratie stofdeeltjes in de stallucht. Het gehalte stof neemt ook significant toe bij het in en uit de stal halen van de paarden, het instrooien van de stal en het aanvegen.

Hennep en vlas meer stof
In een laboratoriumexperiment werd het stof veroorzaakt door zes verschillende soorten strooisel vergeleken: stro, hennep, vlas, houtkrullen, papiersnippers en stro-pellets. Hennep en vlas blijken een significant hoger aantal stofdeeltjes te hebben dat tot in de longen doordringt.

Tarwestro minder ammoniak
Ook werd in het laboratorium onderzocht hoeveel ammoniak er vrijkomt bij stro, ontstofte houtkrullen, hennep, vlas, stro-pellets en papiersnippers. Dagelijks werd 220 gram paardenmest en urine aan de bodembedekking toegevoegd om te zien hoeveel ammoniak er ontstond. Vanaf dag elf kwam er bij alle bodembedekkers, behalve bij stro-pellets, een constante hoeveelheid ammoniak vrij. Bij stro-pellets was dit al vanaf dag acht, door de oppervlaktevergroting bij de stro-pellets kunnen de micro-organismen beter bij de ammoniak en deze eerder afbreken, waardoor de ammoniak juist bij deze bodembedekking minder vervliegt dan bij de andere.

Uitmesten vergeleken
In een praktijkexperiment werden drie manieren van uitmesten vergeleken: de potstal waarin dagelijks 1kg / m² bijgestrooid wordt, dagelijks volledig uitmesten met 3,5 kg / m² nieuw strooisel en het dagelijks verwijderen van de mest/urineplekken met 1 kg / m² nieuw strooisel. Stof en ammoniakafgifte werden vergeleken.
De hoogste ammoniak afgifte werd gemeten bij het dagelijkse totale uitmesten, de laagste bij het dagelijks verwijderen van mest. De minste hoeveelheid stof was bij de potstal. Een twee weken oude potstal met stromatras geeft geen negatieve invloed op de ammoniakconcentratie in de stal, ook geeft ze minder deeltjes in de lucht en ammoniak, als voldoende bijgestrooid wordt. Ook bij een potstal van zes weken bleef het ammoniakgehalte gelijk.

Andere factoren
Naast stof en ammoniak hebben bodembedekkingen meer mogelijke negatieve gevolgen, zoals een toename van infecties veroorzaakt door parasieten en een toename van insecten in de stal. Daarbij wordt bodembedekking van de stal ook gezien als de ideale voedingsbodem voor pathogene ziekteverwekkers.

Over Redactie

De redactie van Paardvisie schrijft over alles dat met paarden, paardenmensen en (buiten)leven met paarden te maken heeft.
Je bereikt de redactie door te mailen naar info@paardvisie.nl

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet getoondVerplichte velden zijn gemarkeerd *

*